Aflevering 7 - De Maas-Sociëteit, vroeger en nu! (met René Frijters, interviewer Erik Peekel en podcastmaker Rik Bouman)
In deze zevende aflevering van ‘Boegbeelden & Bliktrekkers’ staat het monumentale hart van de vereniging centraal: de sociëteit van de Koninklijke Roei- en Zeilvereeniging De Maas aan de Rotterdamse Nieuwe Maas. Presentator Erik Peekel gaat in gesprek met architect en oud-bestuurslid René Frijters, die verantwoordelijk was voor de grootschalige restauratie van de grote zaal.
René neemt je mee door de geschiedenis van het gebouw sinds de opening in 1909: van Jugendstil-architectuur en eerdere verbouwingen tot het gebruik van de sociëteit als ontmoetingsplek, verenigingshart en evenementenlocatie. Hij vertelt hoe het gebouw zich door de jaren heen steeds aanpaste aan nieuwe wensen, zonder zijn karakter en betekenis te verliezen.
In deze aflevering hoor je over:
- De architectonische ziel: Waarom het ontwerp van Hooijkaas en Brinkman de perfecte verbinding vormt tussen de stad Rotterdam en de Maas.
- Lagen van de tijd: De impact van eerdere verbouwingen, waaronder die van Van den Broek in 1937 en de uitbreiding door de bezetter.
- De renovatie in de praktijk: Hoe bouwkundig historisch onderzoek leidde tot het herstel van de grote zaal in haar volle glorie.
Een boeiend gesprek over Rotterdams erfgoed, architectuur, monumentenzorg, verenigingsleven en de blijvende betekenis van de sociëteit van De Maas als verbindende plek tussen stad en water.
Podcastmaker Rik Bouman
The Sociëteit of the Royal Rowing and Sailing Association de Maas, a venerable institution in Rotterdam, serves as the focal point of our discussion in this episode. Over the course of 175 years, this architectural gem has not only stood as a bastion of maritime heritage but has also facilitated a myriad of social interactions, decision-making processes, and community bonding. I, Erik Pekel, engage in a profound dialogue with architect René Freiters, who has played a pivotal role in the significant restoration of this historic edifice located at Veerdam 1. Through our conversation, we delve into the intricacies of the building's architectural features, the implications of its status as a national monument, and the challenges encountered during its meticulous restoration to ensure that it remains a vibrant venue for contemporary use while honoring its storied past. The episode encapsulates the essence of preserving cultural heritage amidst evolving societal dynamics, offering insights into the delicate balance between tradition and modernity that characterizes the continued relevance of this distinguished sociëteit.
The episode presents a compelling exploration of the Sociëteit van de Koninklijke Roei en Zeilvereniging de Maas, a distinguished establishment that has played an integral role in Rotterdam's social and cultural fabric for 175 years. During my conversation with architect René Freiters, we traverse the rich history of this architectural gem, which has not only served as a venue for rowing and sailing but has also functioned as a critical nexus for decision-making and social interaction among the city's notable citizens. Freiters recounts his first encounter with the building, emphasizing the architectural qualities that captivated him and the profound sense of history that permeates its halls. We delve into the significance of the Sociëteit as a monument to resilience, particularly in light of the destruction faced by Rotterdam during World War II, which starkly contrasts with the survival of this remarkable structure. As our dialogue unfolds, we examine the extensive restoration efforts undertaken to preserve the Sociëteit’s unique character while ensuring its relevance in the modern era. Freiters articulates the challenges faced during these renovations, including compliance with heritage conservation standards and the complexities involved in integrating contemporary infrastructure within a historical framework. He shares insights into the collaborative process that defined the restoration, highlighting the importance of engaging with skilled artisans and specialists to achieve a harmonious balance between historical fidelity and modern functionality. The conversation also reflects on the evolving role of such institutions in contemporary society, particularly how they must adapt to meet the needs of a diverse membership while remaining true to their foundational purpose. In conclusion, our discourse encapsulates the essence of the Sociëteit as a living testament to Rotterdam's heritage, inviting listeners to contemplate the responsibilities associated with preserving such cultural landmarks. Freiters emphasizes that the ongoing stewardship of the Sociëteit is not merely about maintaining a building; it is about nurturing a community and fostering connections that transcend generations. This episode ultimately serves as a poignant reminder of the enduring value of heritage preservation and the vital role that such spaces play in shaping our collective identity.
Takeaways:
- The Sociëteit van de Koninklijke Roei en Zeilvereniging de Maas has been a prominent institution in Rotterdam for 175 years, serving as a vital nexus between the city and its waterways.
- Architect René Freiters emphasized the importance of the sociëteit's architectural heritage, detailing the building's unique Jugendstil characteristics and its historical significance in the context of post-war reconstruction.
- The extensive restoration project undertaken in 2009 aimed to preserve the sociëteit's original design while addressing modern usability and safety standards, highlighting the complexities of maintaining cultural heritage.
- Throughout its history, the sociëteit has evolved to adapt to the changing needs of its members, demonstrating a commitment to both tradition and innovation in the face of contemporary challenges.
- The podcast discusses the intricate processes involved in the restoration, including historical research and expert consultations, which ultimately led to the building's designation as a national monument.
- Future generations are encouraged to maintain a balance between preserving the sociëteit's storied past and embracing modern societal developments to ensure its continued relevance and vibrancy.
Transcript
In het hart van Rotterdam, op een van de mooiste plekken van Nederland, ligt de Sociëteit van de Koninklijke Roei en Zeilvereniging de Maas. Al 175 jaar een icoon dat de stad en het water met elkaar verbindt en waar boegbeelden en bliktrekkers samenkomen.
Mijn naam is Erik Pekel en in deze aflevering ga ik in gesprek met architect René Freiters. Als bestuurslid was hij verantwoordelijk voor de grote restauratie van de Sociëteit aan de Veerdam.
Een monumentaal pand dat al meer dan een eeuw het hart van onze vereniging vormt. René, we zitten hier in de bestuurskamer van de Sociëteit. Wanneer kwam jij voor het eerst in dit gebouw en wat trof je toen aan?
Speaker B: de vereniging is begonnen in:Dat roeien vond en vindt natuurlijk plaats op de rotte, maar het brandpunt van de activiteiten is natuurlijk de sociëteit als clubgebouw.
Bij aankomst was het eerste wat me weer opviel natuurlijk de locatie en het bijzondere gebouw wat in Rotterdam niet of nauwelijks voorkomt als architectuur uiting.
Speaker A:Ja want jij bent architect dus wat viel jou het meeste op aan dit gebouw?
Speaker B:Eigenlijk hoe gaaf het er nog uit ziet en zag dat dat toch iets representeert als een uiting van een stroming die door bombardementen natuurlijk bijna weggevaagd is en dat dat er nog staat en dan ook nog op zo'n prominente plek.
Speaker A:We zitten hier in de bestuurskamer, kijken uit over de Veerhaven en hier lagen dus twee drijvende platforms met roeiboten erin. Dat was een drijvende, twee drijvende loods met kleedkamers ook. Inmiddels vindt het roeien en ook het zeilen plaats op andere locaties.
Wat is dan eigenlijk nog het bestaansrecht van dit gebouw?
Speaker B:Dit clubgebouw, zoals we het graag noemen, heeft zijn bestaansrecht nog steeds omdat het het brandpunt is van de vereniging. Er wordt natuurlijk als watersportvereniging geroeid en gezeild, maar er is veel meer dan dat.
Gedurende de hele geschiedenis van de vereniging is wel duidelijk geweest dat er een Rotterdams netwerk bestaat wat graag in dit gebouw samenkwam en waar niet alleen gefeest werd en gedineerd werd, maar ook waar beslissingen werden genomen.
En dat fenomeen bestaat nog steeds, alhoewel het accent van beslissingen en besluiten die ook voor Rotterdam van belang waren en zelfs hun omgeving, dat is denk ik wel een beetje vervaagd.
Speaker A:Hoe belangrijk is het dat de vereniging zo'n zichtbare plek heeft in het hart van Rotterdam?
Speaker B:Op dit moment is het nog steeds een instituut, niet alleen qua architectuur, maar ook nog steeds als vereniging, waar je toch merkt als je zegt dat je er lid van bent, dat mensen nog steeds dat zien als een geheimzinnige plek achter een rode deur waar je niet zomaar door kan lopen.
Speaker A: Dit gebouw dateert van: Speaker B: vesting van de vereniging. In: e vereniging gebivakkeerd tot: eniging gebleven tot ongeveer:Maar wat nog belangrijker was, de gemeente was met havenactiviteit druk bezig en had die locatie nodig. De Waalhaven werd gegraven en er moest gewoon plaatsgemaakt worden.
Dat betekende dat de gemeente natuurlijk ook een alternatief moest aanbieden en op die manier is deze locatie, Veerdam 1, zoals het officiële adres is, aan de Maas toegewezen als locatie voor een nieuw clubgebouw.
Met een paar voorwaarden, onder andere dat de gemeente ook gebruik moest kunnen maken van de sociëteit om bijvoorbeeld hoogbezoek te kunnen ontvangen. En dat hoge bezoek was soms ook de koninklijke familie. En in het ontwerp is al een beetje dat aan de westgevel.
ontwerp hebben gemaakt, is in:Eigenlijk in een vrij korte tijd als je kijkt naar de detaillering en hoe het allemaal in elkaar gemaakt is, vind ik ongelooflijk korte ontwerp- en bouwtijd waar we in deze tijd denk ik een klein beetje jaloers op kunnen zijn.
Speaker A:Nou zeker, laten we het meteen hebben over die architecten. Hoikaas en Brinkman. In Jugendstil hebben ze het ontworpen. Wat moeten we weten over de architectuur van onze sociëteit?
Speaker B:Het is een gebouw met Jugendstil-kenmerken en het is niet echt een Jugendstil-gebouw. Als je naar de buitenkant kijkt dan zie je de gekleurde gevels met strakke gladde bakstenen. Zelfs het voegwerk is in de kleuren aangepast.
En daar zie je wat nautische figuraties, bijvoorbeeld aan de westgevel zie je toch een soort golfpatroon boven de koninginnedeuren die echt te maken hebben met de aansluiting bij de Maas natuurlijk als rivier waar we enkele tientallen meters van af liggen en wat bijzonder is. Het groene dak is een heel bijzonder kenmerk, niet zozeer voor de Jugendstil, maar wel als herkenningspunt, zowel vanuit de stad als vanaf de rivier.
En voor de rest zijn er in het interieur allerlei stilistische kenmerken van asymmetrisch houtsnijwerk, lambrisering in bepaalde donkere aardkleuren, bepaald materiaalgebruik. De ruimte op zich aan de binnenkant was een duidelijk verhaal van mannen die met kerkenbouw te maken hadden.
De Koninginnenkerk is met name een voorbeeld waar de ruimte gedefinieerd werd met een hoog middenschip en twee tonggewelven aan de zijkant. Dat is ook in dit gebouw gemaakt met de daglichtdoektreding als oriëntatie noord-zuid.
Daarmee was ook de theosofische achtergrond van de heren duidelijk geïncorporeerd in hun ontwerp.
Speaker A:In de Veerhaaf lagen toen twee drijvende roeiloodsen van de Maas. Hoe maakte men in die tijd gebruik van deze plek?
Speaker B:Die roeiloodsen waren denk ik ook een deel onder toezegging van de gemeente toegestaan om bij het sociëteitsgebouw te horen. Hoe daar precies gebruik van gemaakt is, weet ik niet. Maar ik vermoed dat het eigenlijk op dezelfde manier is zoals dat nu gebeurt op de Rotte.
Op enig moment is daar ook weer gebleken dat het te weinig capaciteit opleverde en dat een andere locatie werd gezocht en dat werd de rotte natuurlijk. De drijvende loodsen zijn daar blijven liggen totdat ze zonken en toen zijn ze weggehaald.
Het witte huisje wat je daar nog ziet nu van de havenmeester was ook onderdeel van de drijvende loodsen en ik geloof ook dat daar kleedruimtes en badruimte was.
Speaker A: er architect van den Broek in: Speaker B:Van den Broek was natuurlijk een fantastische architect. Hier heeft hij wel heel erg bijzonder ingegrepen. Ik denk dat dat op dit moment zou worden betiteld als toch een beetje brusk.
Maar dat hoorde bij de tijd, omdat in die tijd, eind jaren dertig, men vond dat het ontwerp van Hojkaas en Brinkman passé was. Er moest een nieuwe, frisse, moderne sfeer worden gemaakt.
Hij heeft toen besloten om van die, waar we het eerder over hadden, Noord-Zuid daglichtoeptreding, het radicaal te veranderen. Dat betekende dat hij de tongewelven en het kruisgewelf volledig negeerde, zelfs liet slopen.
Hij maakte van de hele ruimte een soort tongewelf, maar georiënteerd op Oost-West. Dat betekende dat de hele daglichttoetreding roog verdween.
Waarvan je je af kunt vragen was dat een goede beslissing, maar het paste in het tijdsbeeld. Men wilde strakke, moderne vormgevingen hebben en niet met de oud-bollige stijl van begin van de 20ste eeuw.
Speaker A: it zag. Dat was dus al vanuit: Speaker B:Ja, ook het interieur werd verder met meubels ingedeeld. Zoals ze op de grote cruiseschepen gebruikelijk was. Dus het was een heel andere sfeer.
Waar leden denk ik op dat moment verschrikkelijk blij mee waren. Om te laten zien dat ze meegingen met hun tijd.
Speaker A:We maken weer een sprongetje in de tijd en dan gaan we nu naar de oorlogsjaren. Daar heeft de bezetter het gebouw geconfisqueerd en gebruikt als weermachtsheim. Wat gebeurde hier in die tijd?
Speaker B: gedocumenteerd, maar in juni:Een mooie anekdote is dat de bestuur, voordat dat gebeurde, zo slim was en zo moedig was om alle kostbare zaken die in de sociëteit waren als schilderijen, maar vooral het zilver en alles wat er verder van belang was, culturele waarde was, en wat meegenomen kon worden. Dat is tijdelijk of bij de leden of ergens anders opgeslagen en bewaard totdat de oorlog was afgelopen.
In die tijd was het een officiersruimte en de Duitsers hebben de keuken uitgebreid maar die hebben ook de maaszaal gemaakt. Dus dat was ook een fikse ingreep.
Eigenlijk wel heel bijzonder in oorlogstijd dat je als bezetter dan zo'n bouwkundige ingreep doet Nou ja, dat moet je toch gedaan hebben omdat je dacht dat je hier voor eeuwig zat. Zeg ik er nu dus haakjes bij. En dat heeft de maaszaal opgeleverd en dat is voor de zeker oudere leden altijd de moffenzaal gebleven.
Speaker A:Na de oorlog werd er midden jaren 50 opnieuw verbouwd. Wat gebeurde er toen?
Speaker B: Om precies te zijn was het in: Speaker A:Dus daar werd ook de serre toegevoegd?
Speaker B:Ja, en dat is natuurlijk ook nog wel leuk om te zeggen.
In het oorspronkelijke ontwerp was aan de maaszijde, dus aan de zuidzijde, daar waar nu de vitrines zijn in de grote zaal, waren drie dubbele openslaande deuren. En die kwamen uit op een veranda. En die veranda was natuurlijk een prachtige locatie om te gaan zitten en over de rivier uit te kijken.
Die verander is verdwenen, is de SER erbij gekomen en is die Zuidgevel fundamenteel veranderd. Echt alleen om ruimte te creëren. De vereniging groeide weer enorm in de jaren 50.
Men had nieuw optimisme en het bestuur zag de noodzaak in om het weer aan te passen. Wat eigenlijk door heel de geschiedenis als duidelijk is, is gebeurd met het clubgebouw.
Speaker A:Ja, want in midden jaren 80, 30 jaar later, volgde nog een verbouwing. Wat werd er toen veranderd?
Speaker B:Ja, dat is niet echt een verbouwing wat mij betreft. Dat gebeurde door Willem Boré, architect lid. En die heeft eigenlijk, onder hem disqualificeren, het ontwerp van een broek. Opgeknapt, geschilderd.
Wat wel bijzonder was, is dat hij het oorspronkelijke muziekbalkon heeft hersteld. Wat leidt naar het secretariaat nu, waar weer een nieuwe luisteraar aan werd bijgedragen.
Speaker A: En in: Speaker B:Nou ja, het is op zich al heel erg leuk dat, en ik geloof dat ik je ook wel eerder dat heb laten zien, een mooie brochure werd gemaakt die voor de leden duidelijk moest maken wat nou het bestuur wilde en waarvan ze vonden dat moest gebeuren weer om een nieuwe stap te maken met het clubgebouw.
Met name was het nou een view die het bestuur over zichzelf wilde afroepen om inzicht te hebben met de maatschappelijke verandering en alles wat erbij was en wat noodzakelijk was om dat clubgebouw te veranderen? Of was het de view op de Maas, de Rivieder? En er zijn toen allerlei zaken weer gebeurd.
Onder andere het echt voor elkaar brengen van de twee zalen met nieuwe en andere gevels. Dat zijn natuurlijk de maaszaal en de flyerzaal. En de serre werd ook opgeknapt. En weer werd de keuken uitgebreid.
Alles had te maken natuurlijk met de exploitatie en de manier van gebruik maken van de sociëteit. En het aantal leden waardoor de capaciteit van de keuken ook op orde moest zijn.
Speaker A: van de Grote Zaal, geopend in: Speaker B: s een restauratie. In oktober:De plannen die we maakten toen ik in het bestuur kwam en die voordat ik in het bestuur kwam al op de agenda stonden, hadden natuurlijk een grote invloed met die status van het Rijksmonument.
Je begrijpt dat dat aan heel veel regels en wetgevingen moest voldoen in de actuele zaken die met bouwen te maken hebben, maar vooral de culturele erfgoedcomponent waar je niet zomaar dingen mag Toen zonder toestemming van het RACM. Dat is de Rijksdienst en de gemeentelijke monumentenzorg.
Speaker A:Ja, dus die restauratie. Daarmee wilde u de Grote Zaal zorgvuldig terugbrengen in de oorspronkelijke stijl. En was dat ook al direct het plan?
Speaker B:Nee, het plan was om het in tweeën te delen. Het had natuurlijk te maken met budget. Wat was de draagkracht van deze vereniging om zoiets te doen?
Dus besloten werd om eerst de buitenkant, het extrieuur, aan te pakken. Dat had als grote component het vervangen van de geclaseerde helde groene dakpannen. Daar was XX-architect Jouke Post de man voor.
Ik weet dat die dakpannen zijn vervangen. Markant is dat die dakpannen waren gemaakt door Makkum. En Makkum had nog de receptuur van deze dakpannen.
r de architect bedoeld was in:Alles wat met schilderwerk, zaken als grote hemelwaterafvoeren, zijn toen aangepakt. Tweede fase zou zijn de restauratie van de grote zaal.
Dat kwam aan de orde op het moment dat de buitenkant helemaal in orde was en afbetaald, om het zo maar te zeggen.
Speaker A:Het gebouw is een rijksmonument. Wat betekent dat dan als je met zo'n restauratie aan de slag gaat? Wat komt er allemaal bij kijken?
Speaker B:Nou ja, weet je, iedereen heeft verstand van bouwen. Dat is mij al heel vaak opgevallen.
Ik heb vaak voor corporate opdrachtgevers gewerkt en die hebben ook allemaal verstand van bouwen, maar dat hebben ze niet. Daar kan ik heel kort over zijn. Dat bouwproces, dat heeft een aantal logische stappen.
En als het over een restauratie gaat, dan wordt het interessant. Dan wordt het echt heel specialistisch werk.
Dus dat betekent dat als je eenmaal die beslissing hebt genomen, dat er eerst een bouwhistorisch onderzoek gedaan wordt.
En dat bouwhistorisch onderzoek, dat levert een schat aan informatie op, want dan wordt er eigenlijk achter alles van deuren, behang enzovoort, dat noemt men destructief onderzoek.
Alles wat bekeken is heeft te maken met het oorspronkelijke ontwerp wat teruggevonden kon worden en wat als leidraad zou zijn voor het maken van een nieuw voorlopig ontwerp door de architect.
En daarnaast werd er ook een expert ingehuurd, dat is allemaal onder leiding van de restauratiearchitect gebeurd, die daar veel ervaring mee heeft, door een kleurexpert en die heeft ook een kleurenonderzoek gedaan.
Beide onderzoeken zijn vastgelegd in een rapportage en die rapportage die werd natuurlijk voorgelegd aan het RHCM, de Rijksdienst en aan de gemeente zodat zij wisten wat er aan de hand was op dit moment. De bestaande situatie in kaart gebracht met als doel om de restauratie zo te laten worden dat het oorspronkelijk ontwerp weer naar voren kwam.
ik. Want dat betekende dat in:En nou ja, ik hoef je niet uit te leggen wat nu het dynamisch gebruik is en het bijna professioneel gebruik van deze locatie. En daarnaast hadden we natuurlijk te maken met een aantal technische zaken met elektrische installaties, de verwarming, de ventilatie, de akoestiek.
En dat moest allemaal geïncorporeerd worden in dat restauratieontwerp. En ja, dat heeft toch wel wat hoofdbrekens opgeleverd. Maar ja, daar is het toen uitgekomen.
Speaker A:De grote zaal is helemaal teruggebracht in de oorspronkelijke staat. Is heel erg mooi geworden. Maar toen je daaraan begon, waren de leden best heel verknocht ook aan die Ocean Steamer.
Hoe het er toen uitzag, hun clubhuis, hun sociëteit waar ze zo aan gewend zijn. Hoe reageerde men in eerste instantie op de plannen?
Speaker B:Ja, zonder iets te willen zeggen over de verbouwing van de Rotte zeggen een aantal leden natuurlijk altijd van joh het is toch best zo, kunnen we dat geld niet beter aan boten besteden. Hier was ook wel de mening dat sommige leden en natuurlijk de wat ouderen die de glorie dagen hadden meegemaakt met deze grote zaal, nieuwe stijl.
Die vonden het ook wel jammer en misschien onnodig, maar de eerlijkheid gebied te zeggen dat er grote slijtage was. Het voldeed ook niet meer. Er vielen gaatjes, platen, zoals ze dat noemen, gewoon uit dat ronde plafond.
Het was dicht geschilderd op enig moment waardoor de akoestiek veranderde, de verlichting was niet helemaal geweldig meer, de verwarming klopte niet.
Nou ja, zo waren er talloze dingen te zeggen waarvan je met recht kon zeggen achterstallig onderhoud, er moet iets gebeuren en de fundamentele beslissing van het bestuur, in ieder geval als voorster aan de leden, om het terug te restaureren was omdat we als bestuur zeiden we hebben besef van cultureel erfgoed en zouden we dat graag weer terug willen brengen omdat we toch een deel van het gebouw gemoderniseerd hebben, eigen tijds hebben gemaakt in architectuur en gebruik en hoe mooi is het contrast wat je dan maakt met datgene wat ooit als, ja, Jugendstilgebouw binnen en buiten in verschijningsvorm was.
Speaker A:Er kwamen hier allemaal experts binnen, die gingen aan de slag met een bouwkundig historisch onderzoek en ook een kleurenonderzoek. Wat voor inzicht heeft dat opgeleverd?
Speaker B:Wat ik eerder zei, dat geeft een schat aan informatie, ook negatieve informatie moet ik zeggen, op het moment dat de bouwhistorische Onderzoek werd gestart, een beetje op gang kwam, is asbest geconstateerd.
Dat was natuurlijk niet zo heel erg verrassend met een gebouw uit de tijd waarin het gerealiseerd werd, waar asbest gewoon gezien werd als een prima materiaal en daar geen enkel gevaar in schuilde om te gebruiken. Dat onderzoek is onmiddellijk gestaakt. Zoals de besluitvaardigheid van een bestuur in deze dan mag benadrukken.
Asbest is gevaar en in deze tijd is asbest saneren en dat betekende dat we een heel jaar vertraging hebben opgelopen omdat via de meest officiële kanalen alle asbest is verwijderd uit dit gebouw.
Speaker A:Maar dit jaar vertraging zorgde er wel voor dat je precies 100 jaar na de oplevering die renovatie kon openen.
Speaker B: ening heeft plaatsgevonden in:De kroonluchters heb ik ingehuurd in Noord-Holland en waren van Chinese kwaliteit. Maar gaven wel goed de sfeer aan om een kerstdiner te organiseren voor honderd man in Black Tie.
Dat was fantastisch en dat was voor heel veel leden al toch ook wel het signaal van dit is een goede beslissing geweest. Dat was natuurlijk maar een beperkt deel van de leden, maar intussen was iedereen toch wel onder de indruk van wat er gebeurde.
We hadden het eerder over de daglichttoetreding. Waarvan mensen zagen van ongelofelijk dat dat op enig moment weg is getimmerd om het zomaar te zeggen.
Speaker A:Weer even terug naar dat onderzoek wat die experts gingen doen. Dus in eerste instantie kwamen ze asbest tegen toen dat gesaneerd werd. Wat hebben jullie toen gevonden?
Speaker B:Ja toen is natuurlijk gevonden wat er allemaal aangepakt is om het zomaar te zeggen om het tongewel van de broek te realiseren en hoe Ik gebruik het woord nog een keer ruksigloos. Al het timmerwerk, de panelen, constructieve zaken zijn verwijderd, want die pasten natuurlijk niet meer in de sfeer.
Ook aan de muren, daar waren natuurlijk allemaal panelen die je nu terug ziet in het huidige restauratieontwerp, maar die waren gewoon weg. Fragmenten die boven dat tonggewelf bij dat onderzoek aangetroffen werden, waren een prachtige leidraad.
Eén voor, laten we zeggen, de maatgeving, het materiaalgebruik. Bij kleuronderzoek werd daar ook nog het een en ander vastgesteld hoe het was.
En samen met dat kleuronderzoek, waar ook na sloop decoraties zijn aangetroffen, die hebben bij elkaar eigenlijk het palet Van bouwkundig, kleuronderzoek, materiaalgebruik, afwerkingen. Dat is de leidraad geweest voor de architect.
Om zijn voorlopig ontwerp te maken en samen met dat voorlopig ontwerp en de reportages van kleuronderzoek en dat bouwhistorisch onderzoek in zeer nauw overleg met de Rijksdienst en de gemeente monumentenzorg te komen tot de conclusie wat er wel mocht, wat er niet mocht. Niet historiserend werken. Historiserend werken wil zeggen we denken dat het zo was en dat het er ongeveer zo uitzag. Dan moet je het niet doen.
Dan ben je als restauratiearchitect eigenlijk niet goed bezig. En daar werd natuurlijk nauw en streng op toegezien door de Rijksdienst en Monumentenzorg, wat ik zei.
Hoogteplant was wel op enig moment dat er een proefopstelling is gemaakt om de panelen, de betimmering weer tot aan het plafond te herstellen. De maatvoering, het materiaal, de kleuren.
Ik heb toen vijftien man geteld van de heren en dames van de Rijksdienst en Monumentenzorg om te zien of ze het wel vonden zoals het zou moeten worden.
Uiteindelijk hebben we daar ook toestemming voor gekregen en nou ja, ik loop een beetje op de zaken vooruit, hebben we een groot compliment gekregen als bouwteam, als iedereen die daaraan meegewerkt heeft, De kwaliteit van de restauratie, dat hij volledig in lijn was met de gevels, met het hele uiterlijk en dat we de kwalificatie A1 kregen, om het maar zo te zeggen.
Speaker A:Heel mooi. Op dit moment is de sociëteit natuurlijk in gebruik ook als evenementenlocatie. Intensief gebruik, soms met meer dan honderd gasten.
Dan heb je ook te maken met allerlei moderne eisen. Klimaatbeheersing, isolatie, toegankelijkheid. Heeft dat allemaal ook een plek gekregen in die restauratie? Hoe pak je dat aan?
Speaker B:Die technische eisen die niet alleen gesteld werden omdat het moest en versleten was, die hebben ook tot inhuren van adviseurs gevraagd door de restauratiearchitect die daar ervaring mee had om op een slimme manier de integratie te maken in dat ontwerp zonder dat het ontwerp en de verschijningsvorm geweld werd aangedaan. Ja, dat is heel prachtig gedaan.
Een voorbeeld is ook het hele akoestische verhaal, wat natuurlijk echt weer veranderd is met het terugbrengen van het kruisplafond en het tweetongewelven, zoals het ooit bedoeld was. En dat is afgewerkt met een akoestisch materiaal, een stukwerk.
Dat heet basraffon, ik weet niet of het nog zo heet en of het nog bestaat, maar waar de concertzaal in Amsterdam ook is mee afgewerkt. En dat zorgt voor de akoestiek die er op dit moment is en die wat mij betreft voortreffelijk is.
En ook die akoestiek had nog een andere voorwaarde in de wet en regelgeving. Als er een feest hier is en dat produceert wat geluid, dan moet de omgeving daar ook geen last van hebben.
Dus er is vastgelegd wat het aantal decibellen mag zijn in de omgeving hoorbaar als er een feest is of een ander evenement. En daar moet het onder blijven, anders wordt er gehandhaafd.
Speaker A:Het bouwteam heeft heel goed werk geleverd. Echt bezielde experts zijn hier aan de slag gegaan met ook moderne technieken en ook hele authentieke oorspronkelijke vakmanschap.
Kun je daar wat over zeggen? Welke mensen of technieken staan jou zo bij?
Speaker B:Dat hele bouwproces waar ik het eerder over had, zeker voor een restauratie, moet een aantal stappen doorlopen. Dat hebben we gezegd en we kwamen eigenlijk tot aan ongeveer het voorlopig ontwerp. Dan is de architect geselecteerd.
Een restauratiearchitect die aan de hand van de projecten eerder geleverd als referentie toegang geeft tot de tafel om mogelijk geselecteerd te worden. We hebben toen uit mijn hoofd drie architectenbureaus gevraagd om aan tafel te zitten.
We moesten van tevoren natuurlijk een zogenaamd programma van eisen maken, want de architect moet wel ongeveer weten wat hem gevraagd wordt. Dat is een ingewikkeld proces, want dat programma van eisen maken als opdrachtgever, ik kon daar een beetje ervaring aan toevoegen.
Om het maar zo te zeggen, maar het had toch wel heel specifieke eisen en op het moment dat we dachten dat Wessel de jonge architecten de meest geschikte architect zou zijn om dit project op te pakken en te begeleiden, toen hebben we met hem natuurlijk ook aan tafel gezeten om dat programma van eisen verder op te stellen. Op het moment dat je dat gedaan hebt dan kun je weer wat verder kijken als het voorlopig ontwerp Laten we zeggen tussen aanhalingstekens akkoord is.
Dan moet je natuurlijk naar uitvoerende partijen gaan en dan vraag je niet een aannemer op de hoek. Dan vraag je een restauratie aannemer die zijn diensten heeft bewezen door geweldig werk te leveren.
Wat nader tot je vraag wat zegt zo'n aannemer dan die daarin gespecialiseerd is. Dat betekent dat hij vakluiendienst heeft.
Zeer actueel is natuurlijk het binnenhof waar allerlei dingen gebeuren waar de begroting en de planning enigszins uit de hand loopt.
Maar waar vooral belangrijk is dat er vaklui zijn waar er nog maar heel weinig van zijn die dingen kunnen uitvoeren, restaureren, terugbrengen volgens het oude ontwerp met de oude materialen en met een ambachtelijkheid die de aannemer dan moet garanderen dat die beschikbaar is op het moment dat die opdracht krijgt om die restauratie eraan uit te voeren. Ja, dat is allemaal gelukt.
Dat betekent dat dat hele voorbereidingsproces van besluit, programma van eisen, onderzoek vooraf, selectie van de architect, het maken van een voorlopig ontwerp, het overleg weer met de overheid, het vinden van een goede restauratiearchitect, het maken van de planning en dan niet als laatste natuurlijk de hele budgettering.
Dat heeft ertoe geleid dat op enig moment als bestuur dat en zeker de penningmeester het verantwoord vond om een groen licht te geven, om de handtekeningen te zetten met de aannemer. En daar heb ik ook met Job Dura nog wel wat vergaderingen over gehad met tegenstribbelende partijen. Dat is gelukt.
Speaker A:Er werkten hier hele specifieke vakmensen. Wie is erbij gebleven?
Speaker B:Nou, wat ik echt fantastisch vond, en daar heb ik ook foto's van gemaakt, is Ja, timmerlieden, restauratie timmerlieden, die stukken weggezaagd waren van bogen, van trekplaten, van allerlei gedecoreerde stukken in grenen gemaakt en gebogen en geprofileerd.
En wat je dan zag, dat die mannen daar in de werkplaats natuurlijk al wat voorbereidingen hadden getroffen, maar in het werk allemaal passend het weer terugplaatsten. Er was ook een houtsnijder die alle decoraties die weg waren gehaald, want dat waren natuurlijk ook flauwe kulletjes in de jaren dertig.
En die zijn allemaal weer teruggeplaatst zoals het hoort. En dat betekende dat er hele kleine houtsnijwerkjes, overal als je nu in de grote zaal kijkt en denkt, oh verroest, dat zijn wel heel kleine details.
En die mannen, ja, er zijn er maar een paar van. En er was nog iemand die uit Friesland kwam en die alle decoraties voor zijn rekening nam.
En die ook in staat was om dingen die als decoratie achter het sloopwerk vandaan kwamen weer te herstellen. En ja, daar zijn er op één hand denk ik mensen van te tellen in Nederland die dat nog kunnen. En die hebben we wel kunnen inzetten.
Mede dankzij een heel toegewijde aannemer en architect die dat voor elkaar hebben gekregen.
Speaker A: In: Speaker B:Ja, dat was al heel enthousiast. Het is raar als je er zo zelf nauw bij betrokken bent om dat te zeggen, maar de mensen waren zelfs een beetje emotioneel.
Dat dit zo teruggetoverd was van toch eigenlijk wel een sleetse, weliswaar modern bedoelde nieuwe look.
aren van een interieur wat in: Speaker A:De grote zaal werd met de renovatie teruggebracht naar de oorspronkelijke staat maar Er is natuurlijk een hele lange periode geweest eigenlijk waarin die er heel anders uitzag met die ocean steamer.
Als je het dan hebt over monumentenstatus, hoe lastig is het dan om te kiezen voor een oorspronkelijke periode die relatief eigenlijk kort geduurd heeft?
Speaker B:Er zijn twee dingen. Het weghalen van het ontwerp van de broek. Dat was een van de gespreksresultaten met Rijksmonumenten.
Die zeiden je mag het weghalen, maar je moet het zo documenteren dat we eigenlijk op papier en in beeld nog steeds kunnen terugroepen hoe het was. Dat is één. Dat was een voorwaarde om te slopen.
Tweede is dat er was een aantal zaken ook gesloopt in die tijd waarvan we zeker wisten dat dat in het huidige gebruik niet meer paste. Met name bij die koninginnedeuren waren kleine lage muurtjes, daar was ook een soort leestafel en dat was niet meer in het huidige gebruik.
Het huidige gebruik is natuurlijk zo fundamenteel anders dan vroeger.
Aantallen maar ook de eisen die gesteld werden aan klimaat enzovoort enzovoort, die moesten wel geïncorporeerd worden en dat betekende dat Het is gerestaureerd. Het is naar eer en geweten, heeft het het beeld opgeroepen van zoals van de Brink en Hojka ze het bedoeld hebben. Een paar elementen zijn veranderd.
Dat heeft ook te maken met de entree die daar niet was, maar naast de open haard enzovoort enzovoort.
Dat was niet mogelijk om dat te restaureren, omdat het gebruik, wat ik zeg, fundamenteel veranderd is en de platte grond natuurlijk enorm was uitgebreid en daarmee ook de functies waren veranderd. Dat is steeds door de leden goedgekeurd, om het zo maar te zeggen, en door de buitenwereld geaccepteerd.
Speaker A:Recent werd de serre gemoderniseerd. Hoe kijk jij nu naar het grote contrast in stijl met de grote zaal?
Speaker B:Ik ben er eigenlijk een groot liefhebber van, omdat dat de dynamiek weergeeft van een vereniging die niet met zijn rug naar de toekomst loopt.
En die bereid is om aan de ene kant zuinig te zijn en goed huisvader te zijn voor het cultureel erfgoed wat de grote zaal en het gebouw, het oorspronkelijke gebouw toch vertegenwoordigt. En aan de andere kant de noodzaak vanwege de groei van het aantal leden, het gebruik, de moderne tijd.
Ja, daar wordt niet op dezelfde manier, en daar komt het woord historiseren, je kan kwalijk de uitbreidingen op die manier maken. Dat mag niet en dat kan niet. Dus ik vind dat contrast met het moderne hedendaagse architectuur, vind ik prima.
En een bevestiging dat het een vereniging is die zich niet verschuilt achter traditie, maar ook de toekomst in vizier heeft.
Speaker A:En als jij nu door de sociëteit loopt, wat maakt je dan het meest trots?
Speaker B:Ik ben onder andere lid van een maastafel, dus dat betekent dat je s'avonds voor een bijeenkomst hier de sociëteit inloopt. En waar ik dan toch altijd wel van onder de indruk ben, is als de grote zaal ingericht is voor een groot diner.
Waar met damas gekleed is en de tafels er prachtig gedekt uitzien, de verlichting aan is zoals het moet, er misschien een piano of vleugel die we ook met de restauratie zelfs nog cadeau hebben gekregen voor de nodige sfeer kan zorgen en dan denk ik van ja zo is echt de grote zaal met zijn restauratie optimaal in gebruik.
Speaker A:Wat betekent De Maas voor jou persoonlijk?
Speaker B:De Maas is voor mij meer dan een watersportvereniging, een roei-en-zeilvereniging waar ik mijn roeiclub volgend jaar 17 maart 22 jaar geleden in het barretje heb opgericht.
Met de andere mannen en waar ik heel veel heb meegemaakt niet alleen in praktische zin waar we nu over spreken als bestuurslid of lid van de evenementencommissie maar waar heel veel gebeurt nog steeds waar laten we zeggen de tendens om meer niet leden ook te ontvangen eigenlijk zorgt voor een gebruik wat past bij deze tijd ja ik herhaal mezelf maar dat is natuurlijk wel Een feit, ik vind het soms een beetje jammer dat door onder andere corporate leden er ook mensen binnenkomen die zonder daar een oordeel over te vellen, nou niet echt in de traditie van de Maas Ik ben eigenlijk nog steeds een ouderwetse liefhebber van een das op de sociëteit. Ja, de dresscode wat afneemt. Ja, professionele, zakelijke manieren van exploiteren.
Dat vind ik soms wel een beetje jammer, want volgens mij staat er in de statuten nog steeds dat een familievereniging is.
Speaker A:Welke lessen heb jij geleerd van jouw restauratie over bouwen aan erfgoed?
Speaker B:Dat het een langdurige, zeer zorgvuldige zaak is waar je met een bouwteam, een goede opdrachtgever, een goede architect en een goede aannemer en in goed overleg met alle instanties waar je mee te maken hebt om toestemming te krijgen, want we hebben bijvoorbeeld brandweer helemaal niet genoemd, maar die wel toestaan of niet toestaan dat het gebouw wordt gebruikt zoals het wordt gebruikt.
Als je zo'n proces ingaat, je moet realiseren dat het een zorgvuldig proces is, waar stap voor stap dingen besloten moeten worden voordat je verder kan. En wat leidt tot dit resultaat.
Speaker A:Wat wil jij toekomstige generaties leden meegeven over het behoud van dit gebouw?
Speaker B:Ja, ik heb natuurlijk al veel erover gezegd, maar ik denk dat het allerbelangrijkste is dat het bestuur, de leden, een goed huisvader zijn voor deze sociëteit. Met name voor het monumentale deel natuurlijk.
Maar vooral zou ik willen benadrukken dat het fantastisch is dat deze vereniging voortdurend meegaat met de maatschappelijke ontwikkelingen. En ze denk ik op deze manier ook 175 jaar Vier overeind houdt.
Speaker A:Heel mooi om meer te weten over dit bijzondere sociëteitsgebouw. En hoe de stenen steeds meebewegen met de ontwikkeling van de vereniging. Heel veel dank voor dit gesprek.
Speaker B:Graag gedaan.
